Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016
Onder 2.3.2 Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1328.
In een geval als het onderhavige gaat het naar mijn mening uiteindelijk om een duiding van ‘de essentie’ van de voorliggende overeenkomst. Dit vergt een waardering van het voorliggende feitencomplex. Daartoe wordt – nadat is vastgesteld dat de overeenkomst ook voldoet aan de elementen van huur − de overeenkomst in haar geheel beoordeeld, waarbij uiteraard wordt gekeken naar de gegeven omstandigheden, hetgeen partijen ten tijde van het sluiten van de overeenkomst voor ogen stond en de inhoud en strekking van de overeenkomst. Het oordeel kan dan zijn dat de overeenkomst in essentie niet als huur kan worden beschouwd (Timeshare-arrest), maar kan ook zijn dat de overeenkomst mede als huur (gemengde overeenkomst) moet worden beschouwd. Als zij niet het een is, dan is zij het ander.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/75568a2a651f16ab6f21c6e189cf289eba8269dee219cad88895e17ef98f9086. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 75568a2a651f16ab6f21c6e189cf289eba8269dee219cad88895e17ef98f9086, en de alinea staat in dat document op bytes 27869 tot 28807.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/75568a2a651f16ab6f21c6e189cf289eba8269dee219cad88895e17ef98f9086 | shasum -a 256