Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016

Onder 2.6 Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1328.

Anders dan subonderdeel 1.2 betoogt, heeft het hof niet miskend dat volgens artikel 6:215 BW als uitgangspunt geldt dat de in aanmerking komende wetsbepalingen in beginsel naast elkaar (kunnen en) moeten worden toegepast (het cumulatiestelsel). Het hof heeft in rov. 4.9 – in zoverre in cassatie onbestreden – immers geoordeeld dat de voor beide overeenkomsten gegeven bepalingen in het onderhavige geval niet wel verenigbaar zijn, dan wel de strekking daarvan in verband met de aard van de overeenkomst(en) zich tegen toepassing verzet. Dit oordeel brengt, ingevolge de tweede zin van artikel 6:215 BW, met zich dat het cumulatiestelsel niet dient te worden toegepast. Pas na deze vaststelling heeft het hof, teneinde de dan – zonder toepassing van het cumulatiestelsel – toepasselijke rechtsregel te bepalen, onderzocht of één van de twee met elkaar samenhangende overeenkomsten prevaleert. Voor zover het onderdeel zou betogen dat artikel 6:215 BW met zich brengt dat in geval van samenhangende overeenkomsten altijd het cumulatiestelsel dient te worden toegepast berust dit, gezien de tweede zin van artikel 6:215 BW, op een verkeerde rechtsopvatting.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/75568a2a651f16ab6f21c6e189cf289eba8269dee219cad88895e17ef98f9086. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 75568a2a651f16ab6f21c6e189cf289eba8269dee219cad88895e17ef98f9086, en de alinea staat in dat document op bytes 35046 tot 36262.