Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016

Onder 5.5 Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1330.

Subonderdeel 1.3 betoogt dat het hof ten onrechte de stelling heeft gepasseerd dat de verjaringsregel van art. 3:310 lid 2 BW en de sterk uiteenlopende toepassing van de gezichtspuntencatalogus van [...] /De Schelde onvoldoende rechtszekerheid biedt voor slachtoffers van mesothelioom en daarom in strijd is met art. 6 EVRM en de redelijkheid en billijkheid. Ook deze klacht treft wat mij betreft geen doel. Uit Moor c.s./Zwitserland volgt dat in het kader van art. 6 EVRM een afweging moet worden gemaakt tussen de belangen van de aangesprokene enerzijds en die van de vorderende partij anderzijds (hiervoor 4.48). Aan een dergelijke afweging is inherent dat geen hard and fast rule kan worden geformuleerd. Een zodanige afweging is evenmin (in algemene zin) in strijd met de redelijkheid en billijkheid te achten. Weliswaar acht ik een verduidelijking ten aanzien van inhoud en toepassing van de gezichtspuntencatalogus geïndiceerd (hiervoor 4.61-4.68), maar de noodzaak van beoordeling aan de hand van de gezichtspuntencatalogus als zodanig berust op een bestendige lijn in de rechtspraak van Uw Raad en het hanteren van deze gezichtspunten is op zichzelf niet in strijd met de redelijkheid en billijkheid.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f751ce9978296ca364df5de5b03c75114e8226a04e4eb5bbfa6891f664ae753b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f751ce9978296ca364df5de5b03c75114e8226a04e4eb5bbfa6891f664ae753b, en de alinea staat in dat document op bytes 169304 tot 170677.