Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016

Onder 2.17 Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1330.

Gezichtspunt c ziet op de vraag in hoeverre de gebeurtenis de aangesprokene kan worden verweten. De kantonrechter heeft vooropgesteld dat dient te worden beoordeeld of aannemelijk is dat [betrokkene 1] de schade in de uitoefening van zijn werkzaamheden heeft opgelopen en of aannemelijk is dat Maersk heeft nagelaten de vereiste veiligheidsmaatregelen te treffen (rov. 5.6.). De kantonrechter acht op grond van de schriftelijke verklaringen van [getuige 1] , [getuige 2] , [getuige 3] , [getuige 5] en [getuige 6] (hiervoor 2.3) en de getuigenverklaring van [getuige 7] (hiervoor 2.10) aannemelijk dat [betrokkene 1] bij zijn werk als tweede stuurman – in ieder geval kortstondig – is blootgesteld aan asbestvezels waardoor het mesothelioom is veroorzaakt (rov. 5.14.).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f751ce9978296ca364df5de5b03c75114e8226a04e4eb5bbfa6891f664ae753b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f751ce9978296ca364df5de5b03c75114e8226a04e4eb5bbfa6891f664ae753b, en de alinea staat in dat document op bytes 26857 tot 27688.