Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016

Onder 5.17. Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1330.

[betrokkene 1] heeft aangevoerd dat hij vanaf 1956 tweede stuurman is geworden en hij zijn laatste reis naar Zuid-Afrika in 1965 heeft gemaakt. Beoordeeld dient daarom te worden of VNS in de periode 1956 - 1965 wist of behoorde te weten dat blootstelling aan asbest grote risico’s met zich bracht en gehouden was tot het treffen van maatregelen. Van belang is om vast te stellen dat deze periode is gelegen vóór de publicatie van het proefschrift van Stumphius (1969), het tijdstip dat in het algemeen wordt aangemerkt als het moment waarop bedrijven die asbest verwerkten of anderszins hun werknemers (regelmatig) aan inademen van asbeststof blootstelden, konden weten dat asbest de gezondheid van medewerkers fataal kon bedreigen vanwege het risico van het ontstaan van mesothelioom en daarnaar vervolgens hadden moeten handelen. Vóór 1970 moest er wel rekening mee worden gehouden dat blootstelling aan asbest kon leiden tot asbestose. Daarom kan van belang zijn na te gaan in hoeverre VNS heeft nagelaten de destijds vereiste maatregelen ter voorkoming van schade als gevolg van asbestose te treffen. Immers uit de jurisprudentie blijkt dat het nalaten van het treffen van dergelijke maatregelen de werkgever kan worden verweten, als die maatregelen mesothelioom hadden kunnen voorkomen. Dat VNS niet op de gedachte is gekomen dat de mogelijke blootstelling aan asbest tijdens de reizen naar Zuid-Afrika kon leiden tot het ontstaan van asbestose bij haar medewerkers, bijvoorbeeld bij hen die in de ruimen toezicht moesten houden op het laden, is begrijpelijk. Alles bijeen stond, zo kan uit de getuigenverklaringen worden afgeleid, een tweede stuurman bloot aan een hoeveelheid asbeststof, maar dan toch maar op een paar dagen per reis tijdens het laden en lossen, terwijl een reis naar Zuid-Afrika ongeveer 4 à 5 maanden duurde, zodat een werknemer gemiddeld genomen hooguit twee tot drie keer per jaar een reis maakte waarbij havens in zuidelijk Afrika werden aangelopen waar asbest werd geladen. Kortom de mogelijke blootstelling aan asbest was van een geheel andere aard dan de gebruikelijke blootstelling ingeval van lijders aan asbestose, welke ziekte toch voornamelijk optrad bij werkers in bedrijven waarin dagelijks, althans zeer frequent, met asbest werd gewerkt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f751ce9978296ca364df5de5b03c75114e8226a04e4eb5bbfa6891f664ae753b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f751ce9978296ca364df5de5b03c75114e8226a04e4eb5bbfa6891f664ae753b, en de alinea staat in dat document op bytes 28871 tot 31179.