Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016

Onder 2.3 Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1339.

Een andere schadepost waarvoor Goedvast een vergoeding vordert, draagt de naam ‘Schuld inzake debiteuren ontvangsten zonder factuur’. Deze schadepost betreft, zo stelt het hof in rov. 9 vast, huurontvangsten die na aftrek van de courtage aan de verhuurders dienen te worden doorbetaald. Voor zover huren zijn ontvangen vóór 15 oktober 2002 en op die datum nog niet aan de betrokken verhuurders waren doorbetaald, was er sprake van een schuld in verband waarmee Goedvast recht op schadevergoeding heeft. De deskundige stelt in zijn bericht de schuld vast op een totaalbedrag van € 23.801,50. Daartoe bouwt hij voort op rapporten van 11 maart 2010 en 4 november 2010 van de accountant [de accountant], die in opdracht van Goedvast onderzoek naar onder meer de hier aan de orde zijnde schuld heeft gedaan. ( ) [de accountant] kwam op een bedrag uit van € 61.125,-, maar de deskundige houdt voor de schuld een bedrag van € 23.801,50 aan; het verschil hangt samen met het niet onderzocht zijn door [de accountant] welke huurontvangsten aan [eiser] c.s. zelf toevielen wegens verhuur van aan hem zelf toebehorend onroerend goed en met de hoogte van de courtage in de periode van 1 januari 2002 tot 15 oktober 2002. Zie diens rapport blz. 10, 11 en 16. De raadsman van [eiser] heeft onder 7 van zijn brief van 20 oktober 2004 (bijlage 7 bij het deskundigenbericht) in het kader van diens commentaar op het conceptbericht ook het bedrag van € 23.801,50 bestreden. Ten aanzien van een 10-tal huren wordt vrij gespecificeerd aangevoerd dat de van sommige huurders ontvangen huur al vóór 15 oktober 2002 is doorbetaald dan wel dat huur van sommige huurders pas na 15 oktober is ontvangen, althans dat niet voldoende vaststaat dat de huur al vóór 15 oktober is ontvangen. Een en ander komt hierop neer, dat de schuld voor een bedrag van € 4.199,74 wordt betwist. Naar aanleiding hiervan merkt de deskundige op blz. 25 van zijn bericht op: “De reacties van partijen hebben geen informatie opgeleverd die leiden tot de herziening van mijn standpunt ten aanzien van de hoogte van de schuld inzake debiteuren ontvangsten zonder factuur. De werkwijze van [de accountant] voor de vaststelling van de onderhavige schuld is aanvaardbaar en er zijn voor mij geen aanwijzingen om te twijfelen over zijn deskundigheid. Het opnieuw uitvoeren van de werkzaamheden lijkt mij niet rationeel gezien het bedrag van € 4.199,74 dat gemotiveerd betwist wordt.’

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3b4ecefa48b05da9ded8ecd02325eaa98c9585432e594938e9381a8714744731. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3b4ecefa48b05da9ded8ecd02325eaa98c9585432e594938e9381a8714744731, en de alinea staat in dat document op bytes 19593 tot 22223.