Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016

Onder 2.3.1 Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1339.

In rov. 9 van het eindarrest verwerpt het hof de betwisting van [eiser] c.s. van het bedrag van € 23.108,50, daartoe onder meer overwegende: “De deskundige heeft in zijn verantwoording te kennen gegeven dat hij de werkwijze van [de accountant] voor de vaststelling van deze schuld aanvaardbaar vindt en dat hij geen aanwijzingen heeft om te twijfelen aan diens deskundigheid. De deskundige heeft in zijn rapportage met dezelfde, ook bij hem ingebrachte bezwaren van [eiser] c.s. rekening gehouden. Het hof acht zich in het licht daarvan voldoende voorgelicht om tot een vaststelling van deze schuld en wel op voormeld bedrag van € 23.801,50 te komen.” In onderdeel 2 wordt dit oordeel als onbegrijpelijk bestreden. Er kan niet van worden uitgegaan, zoals het hof overweegt, dat de deskundige met de bezwaren van [eiser] c.s. rekening heeft gehouden, want hij heeft de reken-exercitie van [de accountant] niet willen overdoen. Verder wordt nog aangevoerd dat het hof ook zelf niet op de specifieke bezwaren van [eiser] c.s. heeft beslist, althans niet gemotiveerd, zodat ’s hofs beslissing ook in zoverre onbegrijpelijk is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3b4ecefa48b05da9ded8ecd02325eaa98c9585432e594938e9381a8714744731. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3b4ecefa48b05da9ded8ecd02325eaa98c9585432e594938e9381a8714744731, en de alinea staat in dat document op bytes 23169 tot 24349.