Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 december 2016

Onder 4.9. Parket bij de Hoge Raad 15 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1350.

De rechtbank overweegt dat de bevoegdheid tot het vaststellen van een navorderingsaanslag successierecht ter zake van het overlijden van erflater, op grond van hetgeen is weergegeven in 4.5, 4.6 en 4.8, is vervallen in het jaar 2001 (1989 + 12 jaren). Van het “niet vervallen” van de bevoegdheid tot het vaststellen van een navorderingsaanslag als bedoeld in artikel 66, derde lid van de SW (zie 4.7) kan in het onderhavige geval geen sprake (meer) zijn, nu die bevoegdheid op het moment van invoering van het betreffende artikellid reeds was vervallen. Een bevoegdheid kan slechts “niet vervallen” indien deze ten tijde van de inwerkingtreding van artikel 66, derde lid, van de SW, op 1 januari 2012, nog bestond. Anders dan de inspecteur meent, bieden noch de in 4.7 bedoelde wettekst, noch de wetsgeschiedenis bij de totstandkoming van artikel 66, derde lid, van de SW zoals dit sinds 1 januari 2012 luidt, aanknopingspunten voor een andersluidende opvatting (vergelijk Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 31 mei 2016, nr. 15/01509, ECLI:NL:GHARL:2016:4208). De navorderingsaanslag, met dagtekening 31 oktober 2014, dient dan ook te worden vernietigd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8add1ebcfb49ace1e85ae4e77886e0d6c98dd6d542e8a5c1bc4434a6755d3e95. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8add1ebcfb49ace1e85ae4e77886e0d6c98dd6d542e8a5c1bc4434a6755d3e95, en de alinea staat in dat document op bytes 126957 tot 128190.