Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 december 2016
Onder 2.2 Parket bij de Hoge Raad 15 december 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1350.
Het voorgaande brengt mijns inziens met zich dat in principe ook voor art. 66 lid 3 SW 1956 “het opleggen van de navorderingsaanslag” het relevante rechtsfeit kan zijn. Tezamen met de onmiddellijke werking van dit artikel, het formeel ontbreken van een eerbiedigende werking en met de mogelijke grammaticale interpretatie van de wettekst, zou men de conclusie kunnen nemen dat het nieuwe wetsartikel ook van toepassing is op opengevallen nalatenschappen van vóór 1 januari 2000. Materieel verschuldigde erfbelasting die op grond van de toen geldende wetgeving niet meer kon worden nagevorderd, zou derhalve alsnog kunnen worden geformaliseerd door middel van een navorderingsaanslag. Het voorgaande betekent overigens niet dat bij art. 66 lid 3 SW 1956, sprake is van de werkingsregel van (formeel) terugwerkende kracht. Immers, art. 66 lid 3 SW 1956 is niet van toepassing op anterieure feiten. Door een mogelijke aansluiting bij het posterieure feit van “het opleggen van de navorderingsaanslag”, is er wel sprake van materieel terugwerkende kracht. De wijziging van de wet brengt namelijk mee dat een door het oude recht gewekte verwachting wordt aangetast.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8add1ebcfb49ace1e85ae4e77886e0d6c98dd6d542e8a5c1bc4434a6755d3e95. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8add1ebcfb49ace1e85ae4e77886e0d6c98dd6d542e8a5c1bc4434a6755d3e95, en de alinea staat in dat document op bytes 173524 tot 174707.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8add1ebcfb49ace1e85ae4e77886e0d6c98dd6d542e8a5c1bc4434a6755d3e95 | shasum -a 256