Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 december 2016

Onder 9.3. Parket bij de Hoge Raad 28 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1374.

In 2014 is het tarief verveelvoudigd naar 0,381% om vervolgens in 2015, 2016 en 2017 verder te stijgen naar respectievelijk 0,449%, 0,491% en 0,543%. Is de positie van de belanghebbende in 2014, 2015 en 2016 ter zake van de litigieuze 13 woningen dezelfde als in 2013, dan bedraagt zijn verhuurderheffingsschuld in 2014 € 2.104, in 2015 € 2.480 en in 2016 € 2.712. Dat zijn mijns inziens geen bedragen ter zake waarvan de schuldplichtigheid of het (ontbreken van) regres op basis van het kniesoorbeginsel als onvoldoende van belang kan worden afgedaan. Vanaf 2017 is de belanghebbende waarschijnlijk van de verhuurderheffing verlost door de verhoging van de voetvrijstelling naar 50 huurwoningen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7c613dbd8b45e267565bb86fcb288b8d6b3ab2dd071c50988fc12d6d7b03dfe7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7c613dbd8b45e267565bb86fcb288b8d6b3ab2dd071c50988fc12d6d7b03dfe7, en de alinea staat in dat document op bytes 146015 tot 146795.