Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 december 2016

Onder 3.3. Parket bij de Hoge Raad 22 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1401.

Het middel, dat zich tegen voormeld oordeel keert, treft doel. Met betrekking tot het in artikel 1, lid 2, van de Wet omschreven belastbare feit is op grond van artikel 5 van de Wet belanghebbende als kentekenhouder belastingplichtig. De voldoening van op grond van artikel 1, lid 2, van de Wet verschuldigde BPM op de voet van artikel 7 van de Wet door een derde geschiedt, zoals in de tekst van laatstgenoemd artikel ook tot uitdrukking is gebracht, namens de kentekenhouder. Zulks brengt mee dat de BPM moet worden geacht door belanghebbende te zijn voldaan. Belanghebbende kan derhalve, anders dan het Hof heeft geoordeeld, worden aangemerkt als degene door wie de belasting op aangifte is voldaan als bedoeld in artikel 24 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, zodat zij - evenals de hiervóór in 3.1 bedoelde derde namens haar - de mogelijkheid had tegen het bedrag aan BPM dat namens haar is voldaan, bezwaar te maken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8227cb7ed96ec4e545d8d707baaa7ed804937f6fa5a33883447d90b07cd0cbd0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8227cb7ed96ec4e545d8d707baaa7ed804937f6fa5a33883447d90b07cd0cbd0, en de alinea staat in dat document op bytes 173018 tot 173964.