Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 oktober 2016

Onder 2.36 Parket bij de Hoge Raad 21 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1402.

Indien het hof in de rov. 3.8.5 en 3.10.6 tot uitgangspunt heeft genomen dat de minister de onrechtmatigheid van de jegens [verweerders] genomen ASP-besluiten heeft erkend, is zijn beslissing volgens het onderdeel eveneens rechtens onjuist, althans zonder nadere motivering, die ontbreekt, onbegrijpelijk. In de door het hof bedoelde verklaring van de minister valt immers niet, in ieder geval niet zonder meer, te lezen dat de minister ook de onrechtmatigheid van reeds onherroepelijke ASP-besluiten erkent. In de bedoelde verklaring vormt immers juist de omstandigheid dat de door de minister bedoelde ASP-besluiten nog niet onherroepelijk zijn, de reden (en ook de noodzaak) om daarvan terug te komen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/54713f6723d41a307246bb45f3f2ece52dc6fab628a9f895caf1e0c2b0a007ba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 54713f6723d41a307246bb45f3f2ece52dc6fab628a9f895caf1e0c2b0a007ba, en de alinea staat in dat document op bytes 88883 tot 89601.