Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 november 2016

Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 1 november 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 november 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1425.

Op grond van het voorgaande is het hof van oordeel dat artikel 577b, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering de rechter de mogelijkheid biedt om het vastgestelde bedrag dat moet worden betaald ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, te verlagen dan wel te bepalen dat reeds betaalde bedragen moeten worden teruggegeven, indien blijkt dat het werkelijke voordeel lager is geweest dan waarvan bij de vaststelling van het bedrag is uitgegaan en dat deze mogelijkheid niet is beperkt tot nieuwe feiten of omstandigheden die zich hebben voorgedaan na die vaststelling. In dit verband overweegt het hof dat de vaststelling van het voordeel een schatting betreft die naderhand onjuist kan blijken te zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c5f0f3efa453566f5ae7985781cbe266a07660c5c5ea28a51ceb9d971e97f365. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c5f0f3efa453566f5ae7985781cbe266a07660c5c5ea28a51ceb9d971e97f365, en de alinea staat in dat document op bytes 17526 tot 18257.