Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 december 2016

Onder 7.6 Parket bij de Hoge Raad 28 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1426.

Art. 24 Wet WOZ laat het aan de gemeenten over aan welke medegenothebbende zij de WOZ-beschikking bekend maken. De andere medegenothebbenden kunnen op grond van art. 26a(2) AWR vaak wel bezwaar maken tegen de beschikking of op grond van art. 28 Wet WOZ om een medebelanghebbendebeschikking vragen (in verband met, bijvoorbeeld, de gemeentelijke onroerende zaakbelasting), waartegen zij bezwaar kunnen maken. Ik meen dat zo’n medebelanghebbendebeschikking niet relevant is voor de toepassing van de artt. 3 en 4 Wvh, al wordt zij uiteraard bekend gemaakt aan de medebelanghebbende die er om vraagt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c8520f76b88944c174df71f8434b96fc9062156d3cfb0e1a1458f9ebf8fbfbe1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c8520f76b88944c174df71f8434b96fc9062156d3cfb0e1a1458f9ebf8fbfbe1, en de alinea staat in dat document op bytes 98806 tot 99482.