Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 november 2016

Onder 6.7.3. Parket bij de Hoge Raad 22 november 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 november 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1470.

De afschriftplicht heeft de wetgever, zo valt uit de Memorie van Toelichting af te leiden, opgenomen als een zekere specificatie en aanvulling op de zorgplicht tot het houden van toezicht en het nemen van maatregelen. Het was de wetgever bij het invoeren van de afschriftplicht met name te doen om de vreemdeling die zijn reis- en nationaliteitsdocumenten weg maakt of vernietigt en daardoor niet naar een land van herkomst kan worden terug vervoerd. De landen waarbij en de wijze waarop aan de afschriftplicht dient te worden voldaan, zijn beperkt in het Vreemdelingenbesluit 2000. In de praktijk betekent dit, dat de afschriftplicht alleen aan de orde is bij aangewezen ‘risicodragende lijnen’. In de onderhavige zaak en de daarmee samenhangende 31 zaken ging het niet om vliegroutes met een verhoogd risico en was de (meer concrete) afschriftplicht van lid 2 dus niet aan de orde.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ac3362db87afd6d9eaaf9a798187cd1e6e6d254a998600760742d6331e333373. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ac3362db87afd6d9eaaf9a798187cd1e6e6d254a998600760742d6331e333373, en de alinea staat in dat document op bytes 67511 tot 68604.