Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 december 2016

Onder 3.3. Parket bij de Hoge Raad 6 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1508.

37. Het komt mij voor dat niet zonder meer kan worden volgehouden dat er bijzondere omstandigheden aanwezig zijn om hier de formele rechtskracht te doorkruisen. Van zodanig evidente, dus zonder volle inhoudelijke toetsing reeds aanwezige, schending van Unierecht dat het inreisverbod elke rechtskracht mist is geen sprake. Dat zonder meer klaarblijkelijk is dat de rechtspraak inzake de grondslag van de ‘openbare orde’ hier meebrengt dat geen inreisverbod is uitgevaardigd met toepassing van art. 66a , zevende lid, van toepassing is, valt te betwijfelen en dat is in dit verband al voldoende.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf7bd574f226a0b1304cd20f0c835f3c90fca7d1fcf0f36ab77bd293916d5923. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf7bd574f226a0b1304cd20f0c835f3c90fca7d1fcf0f36ab77bd293916d5923, en de alinea staat in dat document op bytes 74245 tot 74860.