Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 december 2016
Onder 5.2. Parket bij de Hoge Raad 8 december 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1529.
Tegen het indienen van een vordering van de procureur generaal en het door de Hoge Raad beslissen op deze vordering na het defungeren van verweerder bestaat wetssystematisch geen bezwaar. Een klachtprocedure mondt uit in een gegrondverklaring of een ongegrondverklaring van de klacht en niet in een eventuele disciplinaire maatregel (hiervoor bestaat een aparte procedure welke is neergelegd in H6A Wrra).. Evenmin behoeft te worden gevreesd dat geruime tijd na het defungeren van een rechterlijk ambtenaar nog klachten zullen moeten worden beoordeeld: in art. 13b, lid 1 aanhef en onder d, RO is immers bepaald dat een klacht buiten behandeling kan blijven indien het verzoek onredelijk lange tijd na het ontstaan van de klacht is ingediend. In het klaagschrift onder 4.3 is ter vergelijking gewezen op het wettelijk tuchtrecht voor de vrije beroepen . Ook kan worden gewezen op de rechtspraak over art. 510 Wetboek van Strafvordering . De klachtregelingen in hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht en in de Wet Nationale ombudsman gaan uit van een ander systeem: op grond van art. 9:1 lid 2 Awb wordt een gedraging van een persoon werkzaam onder de verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan aangemerkt als een gedraging van dat bestuursorgaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8ae2a20347287d45c3d1b9f023d1ec41fc56fe4b919471c0b293a5a0c455a346. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8ae2a20347287d45c3d1b9f023d1ec41fc56fe4b919471c0b293a5a0c455a346, en de alinea staat in dat document op bytes 22882 tot 24277.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8ae2a20347287d45c3d1b9f023d1ec41fc56fe4b919471c0b293a5a0c455a346 | shasum -a 256