Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2016

Onder 3.97 Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:163.

Tegen dit argument kan wel wat worden ingebracht. Het is niet zeker dat bijvoorbeeld een minister zich wezenlijk beknot zou voelen in zijn uitingsvrijheid als de mogelijkheid bestaat dat de Staat civielrechtelijk aansprakelijk kan worden gesteld. De minister zelf blijft dan immers buiten schot. R.J.B. Schutgens heeft er in dit verband recent voor gepleit dat de Staat voor uitlatingen in het parlement door een minister of een parlementslid aansprakelijk zou moeten kunnen zijn op grond van het beginsel van égalité devant les charges publicques. Schutgens relativeert de druk die uitgaat van de mogelijkheid dat de Staat aansprakelijk kan worden gesteld en merkt op dat een parlementslid tegen enige druk wel bestand behoort te zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c6fac971a81155712ecb8ede518f0a0878c3543202c48112518dc1833c8061cc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c6fac971a81155712ecb8ede518f0a0878c3543202c48112518dc1833c8061cc, en de alinea staat in dat document op bytes 167446 tot 168330.