Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2016
Onder 3.99 Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:163.
3.116 Nadrukkelijk vanuit het civielrechtelijke perspectief , maak ik op dit punt nog een laatste opmerking. Dat – mijns inziens – de klacht van onderdeel 9.3 slaagt, betekent niet dat ik van mening zou zijn dat een civielrechtelijke norm zou meebrengen dat de minister in het debat op donderdag volledige openheid van zaken had moeten geven over de aanstaande verdergaande maatregelen. ’s Hofs oordeel in rov. 4.2.16 komt er, als gezegd, op neer dat, daargelaten of de belegger door het niet verstrekken van de betreffende informatie is misleid, het handelen van de Staat gezien de omstandigheden gerechtvaardigd (dan wel niet verwijtbaar) te achten is. Dit oordeel kan ik, voor zover het de civielrechtelijke aansprakelijkheid betreft, zeker billijken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c6fac971a81155712ecb8ede518f0a0878c3543202c48112518dc1833c8061cc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c6fac971a81155712ecb8ede518f0a0878c3543202c48112518dc1833c8061cc, en de alinea staat in dat document op bytes 181563 tot 182371.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c6fac971a81155712ecb8ede518f0a0878c3543202c48112518dc1833c8061cc | shasum -a 256