Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2016

Onder 4.6 Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:163.

De Wpe 2008 geeft aan een parlementaire enquêtecommissie ruime bevoegdheden. Onder meer geldt voor een ruim omschreven groep van (rechts)personen de algemene verplichting om aan de enquêtecommissie medewerking te verlenen (art. 14). Hieronder valt ook het op verzoek van de commissie verschijnen als getuige. De getuigen zijn verplicht om de gestelde vragen onder ede te beantwoorden (art. 13). Er geldt geen zwijgrecht, ook niet indien de getuige zichzelf (of iemand met wie een nauwe familierelatie bestaat) door zijn verklaring aan strafrechtelijke vervolging zou blootstellen (vgl. art. 165 lid 3 Rv). De wetgever heeft uitdrukkelijk van een dergelijk verschoningsrecht afgezien. Het belang van de waarheidsvinding heeft de wetgever zwaarder wegend geacht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c6fac971a81155712ecb8ede518f0a0878c3543202c48112518dc1833c8061cc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c6fac971a81155712ecb8ede518f0a0878c3543202c48112518dc1833c8061cc, en de alinea staat in dat document op bytes 200934 tot 201837.