Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2016

Onder 3.10 Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:164.

Ik meen dan ook, kort gezegd, dat het egalisatiestelsel van art. 40d niet meebrengt dat een eenheidsprijs moet worden toegekend aan (sanering behoevende) verontreinigde gronden en niet verontreinigde gronden in hetzelfde complex. Als ik het goed zie, is dit ook het uitgangspunt van Vabeog, zie hierboven bij 3.6 en noot 20. Zij meent echter dat het anders ligt indien het onteigende voorheen een bestemming heeft gehad die geen saneringsnoodzaak meebracht. Ik zie echter niet in waarom dat zo zou moeten zijn. Het onteigende moet worden gewaardeerd met inachtneming van het op de peildatum geldende bestemmingsplan (zie rov. 2.3.3 eerste volzin en hierboven nr. 2.2). Geen regel van onteigeningsrecht schrijft voor dat dat plan moet worden weggedacht bij de vaststelling van de invloed die bodemverontreiniging heeft op de waarde van het onteigende.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb257b024bb0ba6695f54a415fd2234b769a17965f1dc8e384186c1561421e12. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb257b024bb0ba6695f54a415fd2234b769a17965f1dc8e384186c1561421e12, en de alinea staat in dat document op bytes 25950 tot 26814.