Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 maart 2016

Onder 1.6 Parket bij de Hoge Raad 22 maart 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:173.

In feitelijke instanties was in geschil of de belanghebbende ex art. 5(1)(b) Wet Vpb 1969 juncto art. 3 Uitvoeringsbesluit Vpb 1971 als pensioenfonds is vrijgesteld van vennootschapsbelastingplicht. Subsidiair stelde de belanghebbende dat als zij niet voldoet aan de werkzaamhedentoets ex art. 5(1)(b) Wet Vpb, zij desondanks is vrijgesteld omdat zij dan evenmin valt onder de wetsfictie van art. 4(b) Wet Vpb 1969 (pensioenverzekering is ondernemingsactiviteit) en zij overigens geen onderneming drijft. Ook maakte zij aanspraak op integrale proceskostenvergoeding.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e0be0dd5c2d092e28eb0ef53d5b486483f223d11dc042316b2b9d355e193e2dc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e0be0dd5c2d092e28eb0ef53d5b486483f223d11dc042316b2b9d355e193e2dc, en de alinea staat in dat document op bytes 18384 tot 18998.