Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 maart 2016

Onder 3.6 Parket bij de Hoge Raad 22 maart 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:173.

De belanghebbende betoogt in middel I tenslotte dat zij, gelet op (i) de processtukken, waarin de Inspecteur ‘eenvoudig vermogensbeheer’ niet heeft geconcretiseerd en (ii) de bestaande jurisprudentie en literatuur, geen rekening hoefde te houden met ’s Hofs verrassingsinvulling van ‘eenvoudig vermogensbeheer’, welke verrassing zij in strijd acht met een goede procesorde, temeer nu de juridische invulling deels van feitelijke invulling afhangt die in cassatie niet aan de orde kan komen. Met name dat voldaan zou zijn aan de criteria ‘meer dan ‘autonoom’ rendement creëren’, ‘niet op vergelijkbare wijze beleggen als andere pensioenfondsen’ en ‘met andere pensioenfondsen onvergelijkbare risico’s aanvaarden’, volgt volgens de belanghebbende niet zonder meer uit de vastgestelde feiten en met die criteria is het Hof volgens de belanghebbende bovendien buiten de rechtsstrijd getreden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e0be0dd5c2d092e28eb0ef53d5b486483f223d11dc042316b2b9d355e193e2dc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e0be0dd5c2d092e28eb0ef53d5b486483f223d11dc042316b2b9d355e193e2dc, en de alinea staat in dat document op bytes 120341 tot 121272.