Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 maart 2016

Onder 5.3 Parket bij de Hoge Raad 22 maart 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:173.

De belanghebbende stelt zelf vast dat HR BNB 2015/129 een geval betrof waarin de belanghebbende gemotiveerd verzocht stukken toe te voegen aan het procesdossier en dat daarvan in haar geval geen sprake is. Het Hof Amsterdam oordeelde in de door de belanghebbende bedoelde uitspraak dat als de Rechtbank constateert dat de Inspecteur niet voldaan heeft aan zijn verplichting ex art. 8:42 Awb om de op de zaak betrekking hebbende stukken aan haar over te leggen, zij ofwel moet toezien op overlegging van de ontbrekende stukken, ofwel moet onderzoeken of een beroep van de Inspecteur op art. 8:29 Awb gerechtvaardigd is. Het Hof Amsterdam verwijst daarbij naar HR BNB 2012/251. In dat arrest stond echter feitelijk vast dat de litigieuze aanslagen mede waren gebaseerd op een intern memo dat niet was overgelegd. Ook van een dergelijke situatie is in casu geen sprake. De belanghebbende betoogt dat de feitenrechter niettemin van ambtswege om overlegging van stukken had moeten vragen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e0be0dd5c2d092e28eb0ef53d5b486483f223d11dc042316b2b9d355e193e2dc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e0be0dd5c2d092e28eb0ef53d5b486483f223d11dc042316b2b9d355e193e2dc, en de alinea staat in dat document op bytes 218661 tot 219920.