Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2016

Onder 5.5. Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:178.

Op 8 december 2010 veroordeelde de Rechtbank Haarlem verdachte voor het medeplegen van mensenhandel in de variant van het vierde onderdeel van het eerste lid van artikel 273f Sr. De verdachte had haar slachtoffers voorgespiegeld dat zij veel geld zouden kunnen verdienen met promotiewerkzaamheden voor telefoonwinkels. Daartoe moesten telefoonabonnementen worden afgesloten. De telefoons zouden weer terugkeren naar de telefoonwinkels waardoor deze een hogere omzet konden tonen. Het afsluiten van een abonnement zou voor de klanten geen gevolgen hebben. Aldus heeft verdachte drie mensen zover gekregen om telefoonabonnementen af te sluiten en daartoe telefoonwinkels te bezoeken. Twee slachtoffers hebben slechts één dag meegedaan, een derde slachtoffer twee dagen. De rechtbank was van oordeel dat voor veroordeling voor de variant van mensenhandel die in het vierde onderdeel van artikel 273f lid 1 Sr is omschreven een oogmerk van uitbuiting niet nodig is en voldoende is dat de slachtoffers door een van de in het eerste lid onder 1 genoemde middelen, waaronder misleiding, ertoe zijn bewogen om zich beschikbaar te stellen voor het verrichten van arbeid of diensten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49ec8ffb8d0ce582282b67da63cbb4aadc362f56fb03d42d7ed0c3131cf8f0d5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49ec8ffb8d0ce582282b67da63cbb4aadc362f56fb03d42d7ed0c3131cf8f0d5, en de alinea staat in dat document op bytes 39832 tot 41084.