Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2016
Onder 2.6 Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:19.
Gelet op het verstrekkende gevolg van een rechtsmiddelenverbod, dient een dergelijk verbod naar mijn mening in beginsel expliciet in de wet te zijn opgenomen. Uit het oogpunt van rechtszekerheid dient de rechter zeer terughoudend te zijn met het aannemen van een rechtsmiddelenverbod dat niet expliciet in de wet is opgenomen. Ik denk hierbij aan het geval dat uit de parlementaire geschiedenis duidelijk en ondubbelzinnig blijkt dat het de bedoeling van de wetgever is geweest een bepaald rechtsmiddelenverbod in de wet op te nemen, maar dit door een omissie in het wetgevingsproces achterwege is gebleven. In de onderhavige zaak bevat de door het hof genoemde vindplaats in de parlementaire geschiedenis geen duidelijke en ondubbelzinnige aanwijzing dat de wetgever heeft bedoeld om ten aanzien van art. 1:265i BW een rechtsmiddelenverbod in te stellen. Aldaar kan slechts worden gelezen:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f5ddf30062aff2a48e547c8b16989bad1351529f91bb66b61488cbbc70ae6b1c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f5ddf30062aff2a48e547c8b16989bad1351529f91bb66b61488cbbc70ae6b1c, en de alinea staat in dat document op bytes 17168 tot 18135.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f5ddf30062aff2a48e547c8b16989bad1351529f91bb66b61488cbbc70ae6b1c | shasum -a 256