Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 2016
Onder 2.10 Parket bij de Hoge Raad 1 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:198.
Voorts komt het middel ( ad vi ) op tegen de ‘vooropstelling’ (in rov. 3.3.3) ‘dat bij onroerende zaken – die men niet van hun plaats kan wegvoeren en waarvan de eigendom is geregistreerd in notariële aktes van levering die bij het kadaster worden ingeschreven – niet snel een intentie tot het houden voor zichzelf door een niet rechthebbende pleegt te worden aangenomen.’ Dit is volgens het middel een onjuist uitgangspunt: steeds, dus ook bij een onroerende zaak, bepaalt art. 3:108 BW en in het bijzonder de verkeersopvatting, of iemand het bezit van de zaak door inbezitneming heeft verkregen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/33cf7d74206454580192c3064602b246dcc282b14a72a0010444f85412bc9c7d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 33cf7d74206454580192c3064602b246dcc282b14a72a0010444f85412bc9c7d, en de alinea staat in dat document op bytes 42281 tot 43011.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/33cf7d74206454580192c3064602b246dcc282b14a72a0010444f85412bc9c7d | shasum -a 256