Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 2016

Onder 2.16 Parket bij de Hoge Raad 1 april 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:198.

De motivering van de rechtbank in rov. 4.5.2 van haar vonnis komt er op neer dat: (i) in de uit alle foto’s naar voren komende situatie alleszins voorstelbaar is dat de bewoners er de voorkeur aan gaven om hun erf niet volledig af te scheiden precies op de kadastrale grens, maar om dat met een lichte afscheiding in de beplantingen te doen, (ii) een dergelijke handelwijze, primair gericht op vergroting van het genoegen dat de bewoners kunnen hebben van de toch al aanwezige tuin- en groenstrook en op praktische aspecten (beperking van inloop door mensen, voorkomen van uitloop door dieren), niet snel een voldoende uiterlijk feit oplevert zoals bedoeld in art. 3:108 BW dat als bezitsdaad zou kunnen gelden, en (ii) materieelrechtelijk niet spoedig wordt aangenomen dat een partij zich het bezit van een onroerende zaak heeft verschaft door middel van occupatie. Deze motivering volstaat naar mijn mening om het bestreden oordeel van het hof voldoende begrijpelijk te maken. Dat geldt te meer wanneer de motivering van het hof wordt bezien in het licht van het in rov. 3.3.3 van het bestreden arrest gehanteerde uitgangspunt dat bij stroken publieke eigendom die grenzen aan privépercelen, niet snel een intentie tot het houden voor zichzelf door een niet rechthebbende valt aan te nemen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/33cf7d74206454580192c3064602b246dcc282b14a72a0010444f85412bc9c7d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 33cf7d74206454580192c3064602b246dcc282b14a72a0010444f85412bc9c7d, en de alinea staat in dat document op bytes 49634 tot 50943.