Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 2016
Onder 5.2 Parket bij de Hoge Raad 1 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:200.
Op de in de cassatiedagvaarding genoemde vindplaatsen is inderdaad te lezen dat door ABN AMRO concreet is gesteld dat FPFS (IoM) vóór 31 mei 2006 al op regelmatige basis trade tickets en account statements heeft ontvangen. Maar heel erg helder is het betoog niet. Het wordt “voor de goede orde” voorgedragen, al lijkt uit hetgeen volgt te moeten worden opgemaakt dat het exposé wel degelijk van belang wordt geacht. Dat inderdaad bedoeld is aan deze stelling gewicht te geven, blijkt ook uit de mva in het voorwaardelijk incidenteel appel onder 11. Het Hof kon daarom niet (zonder meer) als juist aannemen de vaststelling door de Rechtbank dat FPFS (IoM) op 31 mei dan wel 1 juni 2006 een eerste trade ticket van BLMIS had ontvangen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7949fada404406ac35836827fa8412f66b35e8f6ba0f319e1412330fa211e225. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7949fada404406ac35836827fa8412f66b35e8f6ba0f319e1412330fa211e225, en de alinea staat in dat document op bytes 66715 tot 67597.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7949fada404406ac35836827fa8412f66b35e8f6ba0f319e1412330fa211e225 | shasum -a 256