Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2016
Onder 5.3 Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:204.
Het Hof heeft met juistheid vooropgesteld dat van kennelijk onbehoorlijk bestuur in de zin van art. 36 lid 3 Iw 1990 slechts kan worden gesproken als geen redelijk denkend bestuurder — onder dezelfde omstandigheden — aldus gehandeld zou hebben. Vervolgens heeft het Hof geoordeeld dat de b.v. weliswaar door voor haar risico komende factoren, te weten ziekte en computerstoringen, niet tijdig voor een correcte aangifte en afdracht van door haar over 1988 en 1989 verschuldigde omzetbelasting heeft gezorgd, maar dat, nu zij uit eigen beweging de fiscus een specificatie van de verschillen heeft doen toekomen, waardoor deze in staat gesteld werd naheffingsaanslagen op te leggen, niet gezegd kan worden dat Van Zoolingen c.s. gehandeld hebben op een manier die geen redelijk denkend bestuurder onder dezelfde omstandigheden zou hebben gevolgd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eda49902933af15402312c4c9d5951ccae0287b1baf26d5f542156500c764c32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eda49902933af15402312c4c9d5951ccae0287b1baf26d5f542156500c764c32, en de alinea staat in dat document op bytes 90023 tot 90885.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eda49902933af15402312c4c9d5951ccae0287b1baf26d5f542156500c764c32 | shasum -a 256