Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2016
Onder 4.20 Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:204.
Het tweede cassatiemiddel betreft het criterium waarvan het hof was uitgegaan voor het vaststellen van ‘kennelijk onbehoorlijk bestuur’. Het middel betoogt dat de belastingrechter had moeten toetsen aan het criterium of ‘geen redelijk denkend bestuurder aldus gehandeld zou hebben’ en niet zoals het hof had gedaan of de bestuurder een ‘ernstig persoonlijk verwijt valt te maken’. De Hoge Raad verwijst naar de wetsgeschiedenis en komt tot de conclusie dat het oordeel van het hof – dat sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur aangezien belanghebbende persoonlijk een ernstig verwijt treft, omdat hij als bestuurder van de bv heeft bewerkstelligd dat de onderhavige belastingschulden onbetaald bleven, terwijl hij wist of redelijkerwijs had moeten begrijpen dat zijn handelwijze tot gevolg zou hebben dat belasting- of premieschulden van de bv onbetaald zouden blijven – niet van een onjuiste rechtsopvatting getuigt. De Hoge Raad geeft mijns inziens daarmee aan dat het bij art. 36 IW 1990 gaat over ‘kennelijk onbehoorlijk bestuur’ en dat de constatering of daarvan sprake is, afhangt van de feiten die daaraan ten grondslag liggen en dat het daarbij geen verschil maakt of die nu als ‘geen redelijk denkend bestuurder’ gekwalificeerd wordt dan wel als ‘persoonlijk een ernstig verwijt’. Beide kwalificaties lijken mogelijk.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eda49902933af15402312c4c9d5951ccae0287b1baf26d5f542156500c764c32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eda49902933af15402312c4c9d5951ccae0287b1baf26d5f542156500c764c32, en de alinea staat in dat document op bytes 118528 tot 119900.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eda49902933af15402312c4c9d5951ccae0287b1baf26d5f542156500c764c32 | shasum -a 256