Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2016

Onder 4.32 Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:204.

In beginsel is iedere nalatige bestuurder ten opzichte van de ontvanger hoofdelijk voor het geheel aansprakelijk. Uit HR 2 november 2001, NJ 2002, 24, V-N 2001/60.28 volgt dat in situaties waarin meer dan één bestuurder aanwezig is, de ontvanger gehouden is om in beginsel alle bestuurders aansprakelijk te stellen. Op grond van dit arrest dient de ontvanger bestuurders in een gelijkwaardige positie ook gelijkwaardig te behandelen. Indien er volgens de ontvanger sprake is van ongelijkwaardige posities, dient de ontvanger dit te motiveren en een rechtvaardigingsgrond voor een ongelijk behandeling te bewijzen. In dit concrete door de Hoge Raad beoordeelde geval was er volgens de Hoge Raad sprake van ongelijke posities omdat de ene bestuurder in Nederland woonachtig was en aldaar verhaal bood en de andere bestuurder in Spanje woonde en in Nederland geen voor verhaal vatbaar vermogen had. (…).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eda49902933af15402312c4c9d5951ccae0287b1baf26d5f542156500c764c32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eda49902933af15402312c4c9d5951ccae0287b1baf26d5f542156500c764c32, en de alinea staat in dat document op bytes 149444 tot 150361.