Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2016

Onder 5.22 Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:204.

In het middel wordt voorts gesteld dat ’s Hofs oordeel dat belanghebbende, uit eigen initiatief, in overleg had moeten treden met de Ontvanger rechtens onjuist dan wel ontoereikend gemotiveerd is. Dat geldt temeer, aldus het middel, vanwege de onderhavige feitenconstellatie, waarbij de bank ‘een pandrecht [had] op alle vorderingen en activa van [ [B] ]’. Hierdoor ging de bank vóór op de fiscus. Eventueel contact had volgens belanghebbende voor de Ontvanger mitsdien niets kunnen opleveren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eda49902933af15402312c4c9d5951ccae0287b1baf26d5f542156500c764c32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eda49902933af15402312c4c9d5951ccae0287b1baf26d5f542156500c764c32, en de alinea staat in dat document op bytes 168992 tot 169571.