Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2016
Onder 6.19 Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:204.
Aan dit oordeel ligt kennelijk de maatstaf ten grondslag dat de verantwoordelijkheid om voornoemde naheffingsaanslagen tijdig te betalen, uitsluitend op de curator rustte. Dat lijkt mij, na faillissement, in principe juist. Echter, daarmee is mijns inziens niet gegeven het door het Hof verbonden gevolg, dat belanghebbende geen verwijt kan worden gemaakt voor het belopen van de invorderingsrente. De omstandigheid dat na het faillissement de curator, en niet belanghebbende, bevoegd was om de aangiften loon- en omzetbelasting in te dienen en om die belastingen over dat tijdvak af te dragen c.q. te voldoen, sluit naar mijn mening namelijk niet uit dat het aan eerder, vóór faillissement, kennelijk onbehoorlijk bestuur van belanghebbende kan zijn te wijten dat de curator de loon- en omzetbelasting niet tijdig heeft afgedragen c.q. voldaan. Ook blijft op een gewezen bestuurder, als gezegd, de verplichting rusten om de curator van relevante informatie te voorzien.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eda49902933af15402312c4c9d5951ccae0287b1baf26d5f542156500c764c32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eda49902933af15402312c4c9d5951ccae0287b1baf26d5f542156500c764c32, en de alinea staat in dat document op bytes 199630 tot 200808.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eda49902933af15402312c4c9d5951ccae0287b1baf26d5f542156500c764c32 | shasum -a 256