Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2016

Alinea 50 Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:222.

20. Uit de hiervoor onder 18 weergegeven overweging blijkt dat het hof zich “ voldoende ingelicht ” acht en het verzoek om contra-expertise afwijst. Deze afwijzing laat zich zo verstaan dat het hof de noodzaak daartoe (kennelijk) niet is gebleken. De in de toelichting op het middel aangevoerde omstandigheden, die grotendeels een herhaling behelzen van de in feitelijke aanleg betrokken stellingen, doen aan de begrijpelijkheid van het bestreden oordeel niet af. Voor zover de steller van het middel in dit licht aan zijn klacht mede ten grondslag legt de verbeterde psychische gesteldheid van de verdachte en de omstandigheid dat dientengevolge de bestaande rapportage niet actueel meer is, gaat hij voorbij aan het feit dat de onderhavige tripelrapportage gedagtekend is op 14 april 2014 en derhalve op het moment van aanvang van de terechtzitting van 9 februari 2015 minder dan een jaar oud was. Uit art. 37a, derde lid, Sr in samenhang met art. 37, tweede lid, Sr volgt dan ook dat het hof voornoemde rapportage in zijn oordeel kon betrekken. In aanmerking genomen hetgeen de raadsman ter onderbouwing van het verzoek heeft aangevoerd, was het hof niet gehouden tot een nadere motivering. De bestreden afwijzing van het verzoek geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f19e53b49e2ac1b0b922467f8a431a0e3ca4942c7a48a5a3040cba6036210ba2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f19e53b49e2ac1b0b922467f8a431a0e3ca4942c7a48a5a3040cba6036210ba2, en de alinea staat in dat document op bytes 22410 tot 23907.