Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 april 2016

Onder 6.13 Parket bij de Hoge Raad 6 april 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:223.

Bij de invoering van de bpm in 1993 had de wetgever een relatief eenvoudige forfaitaire regeling voor ogen ter bepaling van de bij een (uit een andere EU-lidstaat afkomstig) gebruikt motorrijtuig behorend bedrag aan bpm. Die forfaitaire regeling hield een percentuele afwaardering van 1 percent per maand in, zodat na verloop van acht jaren en vier maanden de bpm geacht werd te zijn afgeschreven (hierna: de lineaire verminderingsregeling). In de wetsgeschiedenis is hierover opgemerkt dat bij deze regeling “ter bepaling van de afwaardering van de belasting in zekere mate aansluiting [is] gezocht bij de waarde-ontwikkeling van het motorrijtuig gedurende de levensduur”.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/39e42fde63a1a59b44c5e0f295db048cb4c1d94d701a755d50d16858e90269ec. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 39e42fde63a1a59b44c5e0f295db048cb4c1d94d701a755d50d16858e90269ec, en de alinea staat in dat document op bytes 53914 tot 54668.