Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 april 2016
Onder 3.7. Parket bij de Hoge Raad 5 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:233.
In de ene zaak liet de Hoge Raad een veroordeling wegens medeplegen in stand ten aanzien van een verdachte die met het oog op een te plegen inbraak in een supermarkt een medeverdachte voor sluitingstijd had ingesloten in de meterkast in het magazijn, opdat die medeverdachte op een geschikt moment de alarmkabels kon doorknippen waarna de anderen naar binnen zouden gaan. Van belang is verder dat het hierbij om een vaste modus operandi ging van een criminele jeugdgroep. Kennelijk was de Hoge Raad in deze zaak van oordeel dat, ter voltooiing van de beoogde diefstal, het insluiten al als een eerste, en tevens belangrijke, feitelijke uitvoeringshandeling van de inbraak kon worden aangemerkt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c11ac5fa331ee93a80d078871ef09fa176ae0ae60eb79542067a567b36f42fb3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c11ac5fa331ee93a80d078871ef09fa176ae0ae60eb79542067a567b36f42fb3, en de alinea staat in dat document op bytes 17488 tot 18259.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c11ac5fa331ee93a80d078871ef09fa176ae0ae60eb79542067a567b36f42fb3 | shasum -a 256