Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 april 2016
Onder 7.2. Parket bij de Hoge Raad 5 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:234.
Van bedreiging met enig geweld, zoals hier is bewezenverklaard, is sprake indien een dermate dreigende situatie is gecreëerd dat bij het slachtoffer de redelijke vrees kan ontstaan dat geweld tegen hem zal worden gebruikt. In geval van de afpersing als bedoeld in art. 317 lid 1 Sr moet sprake zijn van een causaal verband tussen enerzijds die bedreiging met geweld en anderzijds de afgifte van het goed. De kern van het bestanddeel ‘dwingen’ in genoemde bepaling veronderstelt dat iemand zonder het op hem toegepaste dwangmiddel niet zou hebben gehandeld of nagelaten, althans niet op het ogenblik waarop en in de omstandigheden waaronder hij thans gehandeld of niet gehandeld heeft. Voor de strafbaarheid zal moeten vaststaan dat ook de bedreiging door de verdachte tot de bedreigde is doorgedrongen en deze mede daardoor is gezwicht, dan wel dat de verdachte middels medeplegen voor het dwangmiddel van de ander verantwoordelijk wordt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e15ec8446275b26cf14783e808cdddbf576b36bfa85708f2e77a0ab44820aaef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e15ec8446275b26cf14783e808cdddbf576b36bfa85708f2e77a0ab44820aaef, en de alinea staat in dat document op bytes 78474 tot 79558.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e15ec8446275b26cf14783e808cdddbf576b36bfa85708f2e77a0ab44820aaef | shasum -a 256