Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 februari 2016
Alinea 20 Parket bij de Hoge Raad 18 februari 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:237.
5 Subonderdeel (i) gaat uit van een onjuiste lezing van het arrest. Het wordt [verzoeker] niet alleen aangerekend dat hij vóór de betekening van de beschikking van de rechtbank Almelo niets dan wel te weinig heeft ondernomen, maar ook dat hij dat in de ruim twee jaren nadien niet heeft gedaan. Dat het hof het enkele melden van de schuld aan de Stadsbank als onvoldoende kwalificeert in het licht van andere mogelijkheden, zoals het indienen van een wijzigingsverzoek, is niet onbegrijpelijk. In dit verband ziet de steller van het middel over het hoofd dat een rechterlijke uitspraak of een overeenkomst betreffende levensonderhoud bij latere rechterlijke uitspraak kan worden gewijzigd of ingetrokken, wanneer zij nadien door wijziging van omstandigheden ophoudt aan de wettelijke maatstaven te voldoen, bijvoorbeeld indien aannemelijk wordt gemaakt dat bij die uitspraak van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan (art. 1:401 lid 1 en 4 BW). De daarvoor verschafte “acceptabele redengeving” is niet te lezen in het beroepschrift sub 7 e.v.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6a1bdf9e17b9efdba72c851c4279afc2dd966fe41ae94221071585cce9e69fa1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6a1bdf9e17b9efdba72c851c4279afc2dd966fe41ae94221071585cce9e69fa1, en de alinea staat in dat document op bytes 10290 tot 11360.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6a1bdf9e17b9efdba72c851c4279afc2dd966fe41ae94221071585cce9e69fa1 | shasum -a 256