Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 april 2016
Onder 4.7 Parket bij de Hoge Raad 15 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:238.
De uitleg van gedingstukken is in beginsel voorbehouden aan de feitenrechter. Het hof heeft de stelling waar het subonderdeel zich op beroept kennelijk onvoldoende geacht en dat komt niet onbegrijpelijk voor. C4C heeft volstaan met de enkele niet nader (met stukkken/voorbeelden/cijfers) onderbouwde opmerking bij pleidooi in appel dat de overeenkomst kan variëren. Niet is aangegeven hoe vaak en in welke zin, laat staan dat onderbouwd is dat de betreffende bepaling, waarin zeggenschapsbevoegheid expliciet wordt overgedragen aan de inlener, in de praktijk anders wordt overeengekomen. Het hof mocht menen dat dat niet kwalificeert als voldoende gemotiveerde betwisting in deze omstandigheden. Bovendien ontkracht de stelling dat een bepaling kan variëren op zich nog niet dat die bepaling doorgaans pleegt te worden overeengekomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2d8990cc45bb8f4878f8dbf201d3cab4b6ec9ea39c22f49f4fe52b1f76360e75. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2d8990cc45bb8f4878f8dbf201d3cab4b6ec9ea39c22f49f4fe52b1f76360e75, en de alinea staat in dat document op bytes 81923 tot 82877.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2d8990cc45bb8f4878f8dbf201d3cab4b6ec9ea39c22f49f4fe52b1f76360e75 | shasum -a 256