Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 april 2016

Onder 4.19 Parket bij de Hoge Raad 15 april 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:238.

Het bewijsaanbod onder nr. 20 ziet op de stelling dat sprake is van arbeidsovereenkomsten in de zin van artikel 7:610 BW (en geen uitzendovereenkomsten). Het hof kon aan het bewijsaanbod op dit punt voorbijgaan, omdat het in rov. 3.7-3.8 heeft geoordeeld dat óók als de overeenkomsten kwalificeren als uitzendovereenkomsten, deze hoe dan ook arbeidsovereenkomsten zijn. Over de kwalificatie als dat laatste was dus geen bewijs meer nodig. Ik merk overigens op dat C4C er in appel van uitging dat beide opties elkaar uitsloten. Die opvatting heeft het hof als rechtens onjuist verworpen en leent zich niet voor bewijslevering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2d8990cc45bb8f4878f8dbf201d3cab4b6ec9ea39c22f49f4fe52b1f76360e75. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2d8990cc45bb8f4878f8dbf201d3cab4b6ec9ea39c22f49f4fe52b1f76360e75, en de alinea staat in dat document op bytes 98546 tot 99186.