Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 april 2016
Onder 4.20 Parket bij de Hoge Raad 15 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:238.
C4C heeft in haar pleitnota onder nr. 32 (tegen)bewijs aangeboden van haar stelling “dat leiding en toezicht bij C4C berust en niet bij haar opdrachtgevers” door het horen van getuigen, waaronder de heer H.J. van Amerongen (directeur van C4C), de voormalige directie van het Joods verzorgingshuis Beth Shaloom te Amsterdam en de thuiszorgorganisatie Mea Vita uit Den Haag. C4C heeft in de paragrafen voorafgaand aan dit bewijsaanbod betoogd dat zij een specialistisch bedrijf is, de ter beschikking gestelde werknemers over deskundigheid beschikken die de opdrachtgevers zelf niet in huis hebben en dat zij twee accountmanagers in dienst heeft die zijn belast met leiding en toezicht. Het hof kon hieraan voorbij gaan, omdat zij veronderstellenderwijs tot uitgangspunt nam dat van deze aspecten sprake was (zoals door het hof weergegevn in rov. 3.13), maar dat die niet af konden doen aan het oordeel dat leiding en toezicht bij de opdrachtgevers van C4C berusten. Indien bewezen, zouden deze feiten in het oordeel van het hof dus niet tot een andere beslissing kunnen leiden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2d8990cc45bb8f4878f8dbf201d3cab4b6ec9ea39c22f49f4fe52b1f76360e75. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2d8990cc45bb8f4878f8dbf201d3cab4b6ec9ea39c22f49f4fe52b1f76360e75, en de alinea staat in dat document op bytes 99266 tot 100360.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2d8990cc45bb8f4878f8dbf201d3cab4b6ec9ea39c22f49f4fe52b1f76360e75 | shasum -a 256