Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 april 2016

Onder 8.4 Parket bij de Hoge Raad 14 april 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:239.

Anderzijds heeft de Flexwetgever zich kennelijk niet goed gerealiseerd dat het etiket ‘uitzendovereenkomst’, dat weliswaar conform de bedoeling van het toen ingevoerde art. 7:690 BW de gewenste kwalificatie ‘arbeidsovereenkomst’ meebracht voor tot dan toe onduidelijke driehoeksarbeidsrelaties, óók toegang gaf tot het uitzendbeding van art. 6:791 BW en tot voorbijgaan aan onder meer ontslagbescherming. Het was – neem ik aan – niet de bedoeling van de invoering van art. 7:690 BW dat de voor klassiek uitzenden (ziek en piek) bedoelde/gewenste verminderde ontslagbescherming ex art. 7:691 BW ook ter beschikking zou staan aan detacheerders, arbeidspools en andere driehoeksrelaties waarbinnen zich niet de klassieke bijeenbrenging van vraag en aanbod van tijdelijke arbeid voltrok. In de civiele discussie ontstaat daardoor een – niet steeds even helder geëxpliciteerd – onderscheid tussen ‘allocatiefunctie’ voor de toepassing van art. 7:690 BW (ruime allocatiefunctie; volgens sommigen doet daar de allocatiefunctie zelfs niet ter zake) en ‘allocatiefunctie’ voor de toepassing van art. 7:691 BW (minder zekerheid, met name minder ontslagbescherming voor klassiek uitzenden, i.e. bijeenbrengen van vraag en aanbod ter zake van ‘ziek en piek’). Zowel in de toelichting op het nog steeds relevante Besluit indeling uitzendbedrijven (zie 5.15) – dat verscheen naar aanleiding van de invoering van de Flexwet en de Waadi (zie boven, 5.15) – als in de civielrechtelijke discussie (zie de onderdelen 6 en 7 hierboven) is dat onderscheid zichtbaar tussen enerzijds “het ‘echte’ uitzenden” resp. de klassieke allocatiefunctie en anderzijds een ruimer begrip “uitzenden in indelingstechnische zin” resp. een ruimer begrip ‘uitlenen’/alloceren, mede omvattende driehoeksrelaties als detachering en arbeidspools. Zoals gezegd: payroll bedrijven zoals dat van de belanghebbende bestonden in 1999 nog niet, en lijken onder geen van beide begrippen te vallen omdat ze geen enkele allocatiefunctie vervullen, ook niet in de meest ruime zin. In de civiele discussie is de argwaan jegens de later ontstane payroll bedrijven echter groot omdat sommige – met name andere soorten payroll -bedrijven dan dat van de belanghebbende - in de kwade reuk kwamen te staan van ontwijking van cao-rechten, van pensioenaansluiting en met name van ontslagbescherming.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/44d50848998ca38af75ab095d43a9e1f35f12481da6fc15eb6c020e5a6724e02. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 44d50848998ca38af75ab095d43a9e1f35f12481da6fc15eb6c020e5a6724e02, en de alinea staat in dat document op bytes 144522 tot 147030.