Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 april 2016

Onder 3.3 Parket bij de Hoge Raad 14 april 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:239.

Ad middel (i) wijst de belanghebbende op HR BNB 2015/88 en HR BNB 2015/229, waaruit volgt dat de aard van de arbeidsovereenkomsten de sectorindeling bepaalt, zodat beslissend is of het in haar geval om een uitzendovereenkomst als bedoeld in art. 7:690 BW gaat. Dat is haars inziens niet het geval. Zij verwijst naar een arrest van het Hof Arnhem-Leeuwarden, dat voor het bestaan van een uitzendovereenkomst een allocatiefunctie een voorwaarde acht. De belanghebbende bestrijdt ‘s Hofs oordeel dat uw eerste kamer zich over dit punt impliciet in voor haar ongunstige zin zou hebben uitgelaten in HR RvdW 2011/66, nu u het cassatieberoep tegen een op dit punt hoogstens impliciet oordeel van de civiele kamer van het Hof Amsterdam met art. 81 RO afdeed.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/44d50848998ca38af75ab095d43a9e1f35f12481da6fc15eb6c020e5a6724e02. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 44d50848998ca38af75ab095d43a9e1f35f12481da6fc15eb6c020e5a6724e02, en de alinea staat in dat document op bytes 45037 tot 46164.