Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 2016
Onder 2.2 Parket bij de Hoge Raad 1 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:245.
Onderdeel 3 erkent dat het niet onmogelijk is dat schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid ook zonder toedoen of nalaten van de achterman wordt gewekt of aangenomen, met name ingeval het gaat om feiten en omstandigheden waardoor de wederpartij gerechtvaardigd op volmachtverlening heeft vertrouwd, welke feiten en omstandigheden voor risico van de achterman komen en waaruit naar verkeersopvattingen zodanige schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid kan worden afgeleid. Het onderdeel klaagt dat als het hof dit op het oog heeft gehad het nagelaten heeft zijn arrest voldoende begrijpelijk te motiveren en dat niet valt in te zien dat uit de door het hof vermelde feiten en omstandigheden een schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid kan worden afgeleid. Onderdeel 4 voegt nog toe dat zich met de ratio van art. 1:88-89 BW, te weten gezinsbescherming, kwalijk laat rijmen dat [betrokkene] in casu naar verkeersopvattingen gebonden zou worden geacht door onbevoegd als pseudo-vertegenwoordiger handelen of nalaten van [eiseres] en dat dat onbevoegd handelen niettemin voor zijn risico zou komen c.q. blijven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a8cfc1fd25c9486c3ce832a520688c109631b8d54e9e1a1fcbaa18c553d3f8b0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a8cfc1fd25c9486c3ce832a520688c109631b8d54e9e1a1fcbaa18c553d3f8b0, en de alinea staat in dat document op bytes 14688 tot 15900.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a8cfc1fd25c9486c3ce832a520688c109631b8d54e9e1a1fcbaa18c553d3f8b0 | shasum -a 256