Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 februari 2016

Onder 5.3. Parket bij de Hoge Raad 23 februari 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:267.

Het hof heeft dus de ernst van de feiten benadrukt. In combinatie met de overwegingen van de politierechter lijkt mij de strafoplegging voldoende verantwoord. Zij wekt bij mij geen verbazing gezien de feiten waarvoor verdachte is veroordeeld en ook de omstandigheden waaronder. Het gaat niet enkel om de ernstige beschuldiging van het voorhanden hebben van een doorgeladen vuurwapen, maar ook om het voorhanden hebben van een ander wapen en het aanwezig hebben van hard drugs. Wat ter verdediging in hoger beroep is aangevoerd lijkt mij onvoldoende om de autonomie van de feitenrechter in de bepaling van de straf en de waardering van de factoren die hij daartoe van belang acht opzij te zetten. Deze afweging is aan hem voorbehouden. In cassatie kan niet worden onderzocht of de juiste straf is opgelegd en evenmin of de straf beantwoordt aan alle daarvoor in aanmerking komende factoren, zoals de ernst van het feit of de persoon van de verdachte. Enkel wanneer de strafoplegging toch verbazing wekt en onbegrijpelijk is, is er voor de cassatierechter reden voor ingrijpen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6082989b4871d1c31303e698973c41a8c6e90475bbc0f367a26b6ca7bdb63a2e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6082989b4871d1c31303e698973c41a8c6e90475bbc0f367a26b6ca7bdb63a2e, en de alinea staat in dat document op bytes 28132 tot 29284.