Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2016

Onder 5.12 Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:28.

Hoewel in deze formulering opvalt dat fraudebestrijding niet als ‘doel op zich’ van de richtlijn wordt gepresenteerd, maar als doel dat wordt ‘erkend en gestimuleerd’, moet het kennelijk toch worden opgevat als doel van de richtlijn dat moet worden gehonoreerd. Immers, in geval van fraude kunnen justitiabelen geen beroep doen op het Unierecht. Dit laatste volgt uit de arresten Kefalas e.a./Elliniko Dimosio en Organismos Oikonomikis Anasygkrotisis Epicheiriseon , Diamantis , Kittel , Fini H , Maks Pen en Italmoda .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b614a47d73c36cedfaf1cfd26bbf31b996d238d959b910675930ff08bde25382. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b614a47d73c36cedfaf1cfd26bbf31b996d238d959b910675930ff08bde25382, en de alinea staat in dat document op bytes 65160 tot 66290.