Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2016
Onder 6.6 Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:28.
Ook Van Doesum vraagt zich in zijn noot bij het verwijzingsarrest (FED 2013/65) af waarom de Hoge Raad – anders dan in HR BNB 2008/240 – het nodig vond prejudiciële vragen te stellen aan het HvJ: “16. (…) Bovendien heeft de Hoge Raad in 2008 al eens op grond van de Europese rechtspraak toegestaan dat de aftrek werd geweigerd omdat sprake was van fraude. De Hoge Raad achtte het toen buiten redelijke twijfel dat de Europese rechtspraak (omgekeerde) rechtstreekse werking had. Twijfelt de Hoge Raad nu aan de juistheid van dat oordeel? En wat is er dan de oorzaak van dat de Hoge Raad nu is gaan twijfelen?”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b614a47d73c36cedfaf1cfd26bbf31b996d238d959b910675930ff08bde25382. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b614a47d73c36cedfaf1cfd26bbf31b996d238d959b910675930ff08bde25382, en de alinea staat in dat document op bytes 98021 tot 98743.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b614a47d73c36cedfaf1cfd26bbf31b996d238d959b910675930ff08bde25382 | shasum -a 256