Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2016
Alinea 153 Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:299.
“Het was 8 november 2009 omstreeks 0:40 a 0:45 uur. Ik heb een sms gestuurd naar mijn vriend [betrokkene 4] om mij op te halen. De auto van [betrokkene 4] stond geparkeerd in de Pletterijkade. Ik zat in de auto en [betrokkene 4] en een vriend, [betrokkene 5] , stonden bij de auto. Ik zag twee jongens voor de auto langslopen in de richting van de Scheldestraat. Daarna zag ik drie mannen voor de auto langslopen. Ik zag een kale man tussen het groepje liep. Het groepje liep achter de twee jongens aan. De kale man was agressief en ik hoorde hem schreeuwen. Ik zag dat de twee jongens stopten. Ik zag en hoorde dat de kale man tegen de jonge mannen sprak. Ik zei tegen [betrokkene 4] dat we weg moesten gaan want ik dacht dat ze zouden gaan vechten. Daarop hoorde ik plotseling schieten. Ik zag dat de kale allerlei bewegingen met zijn hand maakte en van links naar rechts zwaaide. Ik zag dat hij een voorwerp in zijn hand had.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4bd5b45c987c68932301675c55dabb2529d08fbe9a5ca8e1e1d117736844ff3d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4bd5b45c987c68932301675c55dabb2529d08fbe9a5ca8e1e1d117736844ff3d, en de alinea staat in dat document op bytes 32046 tot 32989.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4bd5b45c987c68932301675c55dabb2529d08fbe9a5ca8e1e1d117736844ff3d | shasum -a 256