Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016
Onder 5.3 Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:316.
27. Aan de steller van het middel kan worden toegegeven, dat deze afwijzing ziet op het verzoek, en de onderbouwing daarvan, van de raadsman van medeverdachte [medeverdachte 1] , terwijl de raadsman van de verdachte aan zijn (voorwaardelijk) verzoek een ander belang had verbonden: [betrokkene 26] zou volgens de verdachte en zijn raadsman namelijk in werkelijkheid [betrokkene 27] zijn, de oprichter van ‘ [C ] ’, het bedrijf dat door het openbaar ministerie verantwoordelijk wordt gehouden voor de verzending van de cocaïne uit Peru.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6e00cae3c1b23a4d077dd309cf7a88ecbb75c2c18ba451260b549949baeefa43. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6e00cae3c1b23a4d077dd309cf7a88ecbb75c2c18ba451260b549949baeefa43, en de alinea staat in dat document op bytes 97810 tot 98364.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6e00cae3c1b23a4d077dd309cf7a88ecbb75c2c18ba451260b549949baeefa43 | shasum -a 256